Mobile Hospital nabij Jebel Ali (Dubai)

 

Deelname 11 januari 1991 – medio maart 1991
Krijgsmachtdeel: Koninklijke Marine
Aantal militairen: 53


Achtergrond

Kuweit was vanaf 1899 een Brits protectoraat en herkreeg pas in 1961 zijn onafhankelijkheid. Irak erkende in 1963 de onafhankelijkheid van Kuweit maar bleef geïnteresseerd in het olierijke en welvarende buurland met – in tegenstelling tot Irak – een goede toegang tot de Perzische Golf. Irak viel op 2 augustus 1990 Kuweit binnen omdat de oliepolitiek van dat land nadelige gevolgen zou hebben voor de Iraakse economie. Daarnaast verweet Irak het oliestaatje al jaren olie te stelen uit het Roemajla-olieveld aan de grens tussen beide landen.


Het VN-mandaat en het verloop van de operatie

Nog op de dag van de invasie eiste de Veiligheidsraad in resolutie 660 de onvoorwaardelijke Iraakse terugtrekking uit Kuweit. Enkele dagen later kondigde de Raad in resolutie 661 een algehele handelsembargo af tegen Irak. Pas in resolutie 665 van 25 augustus 1990 riep de Raad de VN-lidstaten op het embargo zo nodig met geweld te handhaven. Een groot aantal landen gaf gehoor aan de VN-resolutie en stuurde schepen om het embargo af te dwingen.
In de daarop volgende maanden vergrootte de anti_Iraakse coalitie, onder aanvoering van de VS, haar militaire slagkracht in de Golfregio. Omdat Irak zich ondanks het machtsvertoon niet terugtrok uit Kuweit machtigde de Veiligheidsraad de anti-Iraakse coalitie in resolutie 678 van 29 november 1990 om Irak desnoodsmet geweld uit Kuweit te verdrijven. Ter voorbereiding hierop werd onder meer in een gezamelijke Amerikaanse-Nederlandse operatie (Deforger) zwaar Amerikaans materieel en munitie uit Duitsland naar Rotterdam, Delfzijl en Amsterdam gebracht voor verdere verscheping naar de Golf. Tot een ‘peace-enforcement’operatie onder de codenaam ‘Desert Storm’ kwam het daadwerkelijk toen Irak geen duimbreed wilde wijken. In de nacht van 16 op 17 januari 1991 ging het luchtoffensief van start. De tweede fase van Desert Storm, het grondoffensief begon op 23 februari. Op 28 februari na honderd uur grondoorlog, vroeg het Iraakse regime om een staakt-het-vuren.


Het Nederlandse aandeel in de 2e Golfoorlog in Dubai

Een door 53 militairen bemand mobiel noodhospitaal van de Koninklijke marine vertrok op 11 januari 1991 naar Jebel Ali. Het bood tweedelijns medische verzorging (dat wil zeggen uitgebreide chirurgische capaciteit) voor de scheepsbemanningen. De fregatten konden zelf de eerstelijns medische verzorging bieden. De Zuiderkruis ook beperkte tweedelijns verzorging. Twee P3C Orion-patrouillevliegtuigen werden op hun thuisbasis Valkenburg achter de hand gehouden voor de afvoer van gewonden naar Nederland. Het hospitaal werd opgenomen in de Britse medische evacuatieketen. Vier leden van het noodhospitaal verbleven bij een Britse eenheid op het eilandje Muharrak bij Bahrein. Zij hadden daar tot taak eventuele gewonden te stabiliseren. Het noodhospitaal keerde in de tweede helft van maart teerug naar Nederland.

Bron: Ministerie van Defensie
Boek Van Korea tot kosovo